De Spring en Delta zijn parallelle contramarche getouwen. In tegenstelling tot trapper weefgetouwen met een directe aanbinding (zogenaamde 'Jack-loom') vallen daarbij de schachten niet vanzelf terug in de rustpositie.
De Spring en Delta van Louet zijn parallelle contramarche weefgetouwen Het gewicht van de schachten en de bovenste schemel, hangen aan het binnenste texsolvkoord . Aan het buitenste texsolv koord hangt alleen het gewicht van een schemel. Als de schachten niet door het intrappen van een trapper naar open weefsprong worden gedwongen, bepaalt de massa en de trekkracht aan de koorden aan de trappers of de schachten zakken..
Hoe meer trappers u aan de onderste schemels vastmaakt, hoe meer gewicht helpt om de schachten vanzelf te laten zakken. Ook de opgespannen schering helpt bij het weer in neutrale positie terugkeren van de schachten. Overigens heeft dit geen invloed op het weven. Bij het intrappen van een ander pedaal ontstaat de volgende weefsprong.
Als je de schachten in de neutrale positie wilt brengen (bijvoorbeeld om de blokkeringspen aan te brengen kun je twee trappers (bijvoorbeeld de twee linnenbindingtrappers) gelijk induwen. Deze twee trappers blokkeren elkaar en zetten alle schachten daarmee op gelijke hoogte.
Bij de nieuwe Spring II hangen de schachten en de bovenste schemel aan het buitenkoord.
Lees ook het artikel over de Parallelle contramarche Parallele contramarch

Opmerkingen
0 opmerkingen
U moet u aanmelden om een opmerking te plaatsen.